Start broedseizoen, bescherm de jonkies

DIEMEN Het broedseizoen is weer van start gegaan. In het voorjaar, tussen 15 maart en 15 juli, zoeken dieren een partner, bouwen ze nesten, leggen ze eieren en brengen ze hun jongen groot. Niet alleen vogels trouwens, ook zoogdieren zoals reeën en hazen krijgen in deze tijd hun jongen. Dat maakt het voorjaar een bijzondere, maar ook kwetsbare periode in de natuur.

Ook in de Diemerscheg. Hier broeden vele verschillende vogelsoorten, waaronder de koekoek, grote bonte specht, ijsvogel, nachtegaal, spotvogel, bosrietzanger, braamsluiper en Cetti's zanger. De bosuilen zitten hoog in de bomen verscholen en de havik en de buizerd jagen in en rondom het bos. Langs het water van het IJmeer en bij de Diemervijfhoek zit de bruine kiekendief en de imposante zeearend.
“Loop je door het bos, dan kun je volop vogelgezang horen, vooral in de ochtend en in de broedperiode. Want de mannetjes zingen om vrouwtjes te lokken en te strikken als partner. Hoe mooier de zang, hoe gezonder het mannetje is, denken de vrouwtjes. Andere vogelgeluiden hebben weer te maken met het afbakenen van het territorium. Of ze waarschuwen als er vijanden voorbijkomen. Dat zijn wij mensen dus ook heel vaak, als we door het bos lopen”, aldus Staatsbosbeheer.
“Vogels zingen vooral graag in de ochtend. Dat komt omdat het dan stil is en de geluiden verder dragen. Ook warmen ze zo hun zangspieren weer lekker op. Zo zijn ze dus beter te horen. Uit onderzoek blijkt ook dat in stedelijke omgevingen de vogels harder zingen, om boven het andere geluid uit te komen.”
“De jonkies zijn dus kwetsbaar en hebben rust en ruimte nodig om te kunnen opgroeien. Dat kan met een paar eenvoudige dingen. Blijf op de paden, houd je hond aan de lijn en houd afstand van oevers en rietkragen. Met deze kleine aanpassingen help je vogels, maar ook dieren zoals hazen en vossen om hun jongen veilig groot te brengen.”
“Voor hondeneigenaren geldt dat zij met een kleine aanpassing een groot verschil kunnen maken. Hoe lief of rustig een hond ook is, een rondsnuffelende hond laat geursporen achter die voor andere dieren een duidelijk signaal van gevaar vormen. Dieren kunnen daardoor schrikken of gebieden mijden, ook als de hond al lang weer weg is. Door je hond aan te lijnen, zorg je dat hij op het pad blijft en help je verstoring te voorkomen”, aldus Staatsbosbeheer.

ADVERTENTIE