
Celstraffen tot veertien jaar geëist tegen vier mannen voor hun rol in de liquidatie van Vincent Jalink
Politie & JustitieDIEMEN – Het Openbaar Ministerie heeft celstraffen tot veertien jaar geëist tegen vier mannen voor hun rol in de liquidatie van Vincent Jalink (38) in 2016. De Diemenaar werd op 27 mei van dat jaar voor zijn woning van dichtbij doodgeschoten, terwijl zijn negenjarige zoon getuige was.
Volgens het OM waren twee mannen van 36 en 39 jaar direct betrokken bij de voorbereiding en uitvoering van de moord. Tegen hen zijn gevangenisstraffen van respectievelijk twaalf en veertien jaar geëist. Twee andere verdachten, een 51-jarige tussenpersoon en een 57-jarige Urker visser, zouden verantwoordelijk zijn voor een mislukte poging tot ontvoering en afpersing van Jalink. Tegen hen eiste het OM drie jaar en drie jaar en twee maanden cel.
De vermoedelijke schutter werd een jaar na de moord aangehouden in Amsterdam. Op basis van onder meer DNA-bewijs werd hij in hoger beroep veroordeeld tot 22 jaar gevangenisstraf. Met die veroordeling was de zaak echter niet afgedaan.
Al vroeg in het onderzoek rees bij de recherche het vermoeden dat de schutter niet alleen had gehandeld. Uit camerabeelden bleek dat Jalink in de periode voorafgaand aan de moord langdurig werd geobserveerd. In de uren voor de schietpartij zouden meerdere personen hem intensief in de gaten hebben gehouden. Ontsleutelde PGP-berichten en andere onderzoeksgegevens brachten vervolgens een bredere kring van betrokkenen in beeld.
Volgens justitie ligt aan de moord een financieel conflict in het criminele milieu ten grondslag. Uit onderschepte berichten zou blijken dat Jalink een zakelijk geschil had met een visser uit Urk, die hem ruim twee miljoen euro zou hebben toevertrouwd voor een investering. Toen dat geld uitbleef, wilde de investeerder zijn inleg terug.
Om het bedrag te incasseren zou de visser via een 51-jarige tussenpersoon een Amsterdamse crimineel hebben ingeschakeld. Die zou voor een vergoeding van twee ton bereid zijn geweest het geld terug te halen, eventueel door Jalink te ontvoeren en onder druk te zetten. Volgens het OM is het plan gaandeweg verschoven van intimidatie naar liquidatie.
In berichtenverkeer dat door rechercheurs werd ontsleuteld, wordt volgens justitie openlijk gesproken over het ombrengen van Jalink, die in de chats Vinnie wordt genoemd. Termen als ‘pikieuwtje’, volgens het OM een verwijzing naar het geluid van een schot, zouden duiden op concrete moordplannen.
De 36-jarige verdachte zou een cruciale faciliterende rol hebben gespeeld door de uitvoerders naar de plaats delict te rijden en de omgeving te verkennen. Locatiegegevens van zijn enkelband plaatsen hem volgens het OM op de plaats van de schietpartij.
De twee mannen die het incassotraject zouden hebben opgestart, wordt geen opzet op de dood van Jalink verweten. Wel stelt het OM dat zij bewust het risico hebben genomen dat het geweld uit de hand zou lopen. Door een hoge beloning uit te loven voor het terughalen van het geld en aan te dringen op actie, zouden zij hebben bijgedragen aan een situatie waarin geweld voorzienbaar was.
“Hun opzet was gericht op wederrechtelijke vrijheidsberoving en afpersing,” aldus de officieren van justitie. “Dat het daarvan niet is gekomen, is niet aan hen te danken.”
De zaak tegen de Urker visser omvat meer dan de rol rond Jalink. Hij wordt ook verdacht van deelname aan een criminele drugsorganisatie en betrokkenheid bij een cocaïnetransport van 261 kilo in juni 2017. Daarnaast zouden hij, zijn kennis en de vermeende organisator van de moord zich schuldig hebben gemaakt aan witwassen. Die laatste wordt bovendien verdacht van het bezit van een pistoolmitrailleur en 200 patronen.
Volgens het OM laat de combinatie van feiten zien waar het uiteindelijk om draaide: geld. “Witwassen volgt vaak in de slipstream van andere criminaliteit en maakt duidelijk waar het de daders om te doen is.”
De rechtbank doet in juni uitspraak.







